U bent hier

Jan De Beer - Driekoningen

 

Als kunstwerk van de maand januari moet uiteraard het populairste onderwerp van de Antwerpse schilderschool gekozen worden: De aanbidding van de wijzen of in de volksmond Driekoningen. De naam is gebaseerd op een magistrale vergissing qua vertaling van het Latijnse a magis adioratur. In oorsprong was ook geen enkele koning zwart, maar de Antwerpse schilders introduceerden dit. Het feest van Driekoningen sloot op zes januari de feestperiode van Kerstmis af. Tegelijk vormde het één van de grote kinderfeesten in het hertogdom Brabant, met Sint-Maarten, Sint-Joris en de greef van halfvasten en Sinterklaas.

 

Kunsthistorici berekenden dat zowat één op drie van de Antwerpse schilderijen in de zestiende eeuw een voorstelling van Driekoningen was. Het mag dan ook niet verwonderen dit een exportproduct werd en ook in Spanje en Italië aftrek vond, maar dan vooral omwille van de prachtige stofweergave en het geboortetafereel. Het kunstwerk dat we hier bekijken is een belangrijke aanbidding van de wijzen uit het begin van de zestiende eeuw dat in bezit is van de Pinacoteca van Brera te Milaan. Hoewel momenteel helaas niet tentoongesteld, is de triptiek door Jan de Beer en zijn assistent - die bekend staat onder de noodnaam de Meester van Amiens  - tussen 1515 en 1520 gemaakt. Naar alle waarschijnlijkheid gebeurde dit in 1519 en 1520 in Italië. Het schilderij was een prestigieuze opdracht en slechts enkele tijdgenoten uit de Lage Landen ontvingen dergelijke vragen vanuit Italië. In Venetië hingen tot dusver enkel Jheronimus Bosch, Hans Memling en Quinten Metsys.

 

Landschapschilderkunst

 

De triptiek in open toestand is één groot landschap en één van de vroegste voorbeelden van een Antwerps landschap. Dit panorama vormt voor de moderne toeschouwer allicht het mooiste onderdeel en de datering maakt duidelijk hoe uitzonderlijk dit landschap wel was. De herkenbare groene horizon die tot de periode van Rubens kenmerkend bleek voor de Antwerpse schilderschool en dus de hele Noordelijke schilderkunst, en het atmosferisch perspectief, behoren tot de fijnste voorbeelden. Van Jan de Beer wordt gezegd dat hij samenwerkte met Joachim Patinir, de ‘uitvinder’ van het landschap. Jan de Beer was samen met Quinten Metsys een van de belangrijkste kunstschilders in het eerste kwart van de zestiende eeuw in Antwerpen. Beiden hadden een groot atelier. Van de ruim 180 kunstschilders in Antwerpen bereikten enkel hun stadsgenoten Joos Van Cleve en Joachim Patinir roem en onsterfelijkheid. Jan de Beer werd vergeten.

De leerling die bekend is als de Meester van Amiens schilderde de buitenpanelen in grisaille. De voorstelling is de annunciatie, wat voor de hand ligt voor een aanbidding van een kerststal. De eigenlijke hoofdvoorstelling is 159 cm hoog en 58 cm breed. De techniek is olieverf op paneel. Binnen het œuvre van De Beer is de triptiek een bijna iconisch werk. Kunsthistorisch is het ook belangrijk in de stroming die het Antwerps maniërisme genoemd wordt en waarvan Pieter Bruegel de laatste uitloper was. Larry Silver legde uit hoe de aanbidding der wijzen door Pieter Bruegel uit 1564 rechtstreeks teruggrijpt op die van Jan de Beer. De bijna komische poses, de overvloed aan architecturale elementen - zowel in gotische als renaissancestijl-, de talrijke gebruiksvoorwerken en de minutieuze weergave van stoffen en materialen zetten letterlijk de vaardigheden van de Antwerpse schilders in de verf. Dit was wat het internationale publiek wou: een combinatie van de gotiek die bekend stond als moderne stijl en de renaissance die antiek werd genoemd. Betoverende beelden, haarscherp en levensecht. Italiaanse auteurs hadden maar oog voor één ding: de uitzonderlijke techniek van de fiamminghi. Bovendien droomden veel Italiaanse vrouwen van de nieuwe dure, lichte en veelkleurige Vlaamse textielproducten. 

 

Jan de Beer zorgde zelfs voor reliëf in de verflaag van de Aanbidding der wijzen waardoor de voorwerpen van Balthasar en Caspar snijwerk lijken. Ook maakte De Beer een zelfportret. Van de 23 figuren en de 22 standbeelden staart slechts één uit het schilderij: hijzelf. Een truukje dat ook Joos van Cleve en de Meester van Frankfurt toepasten. 

 

Wisselende toeschrijving

 

De triptiek zou uit het klooster van Santa Maria Maddalena delle Covertite alla Giudecca afkomstig zijn. Daar vermeldt Francesco Sansovino het in 1581. Hij schreef het toe aan een andere vermaarde Noordelijke schilder: Albrecht Dürer. Dezelfde Sansovino vermeldt een triptiek in de kerk van Santa Maria dei Servi te Venetië dat hij aan Jan Van Eyck toeschrijft, de enige Vlaming die in Vasari stond en als uitvinder van de olieverf te boek stond in Italië. Die onnauwkeurigheid wijst op de diepe overtuiging voor een absoluut topwerk te staan.

 

Over de herkomst is best wel veel inkt gevloeid. Telkens linkten auteurs het aan grote namen: in 1581 aan Dürer, in 1822 aan Luca d'Olanda - niemand minder dan Lucas van Leyden - en zelfs aan Civetta in 1903. Het is de verdienste van Max Frieländer om het werk terug te geven aan zijn maker: Jan de Beer. In de catalogus van de tentoonstelling Rinascimento a Venezia wordt meteen bewezen met documenten en onderzoek welke invloed Jan de Beer op de Venetiaanse schilderkunst van de jaren twintig van de zestiende eeuw had; meer bepaald op Lorenzo Lotto en Girolamo Savoldo. De bovennatuurlijke atmosfeer en nachtscenes met vreemd licht komen terug in de Natività van Lotto in de Pinacoteca Nazionale di Siena en ook de Adorazione del Bambino van Savoldo. Meteen mag duidelijk zijn dat niet de driekoningen de artistieke waarde bepalen, maar de setting, het landschap en de sfeer.

 

Recent bewees Lorne Campbell dat de triptiek voor het klooster van Santa Maria dei Servi bestemd was. Daarmee was Jan de Beers werk het enige Vlaamse in Venetië. Het belande in Brera door de confiscatie door Napoleon die alle Venetiaanse kunstwerken daarheen zond. Louise Brown wees recent nog op de extreme zeldzaamheid van een Vlaams triptiek in Venetië. Nog uitzonderlijk wordt het wanneer blijkt dat ook the Virgin Triptych - nu al twee eeuwen Longford Castle - eveneens uit Venetië afkomstig is. Dit kunstwerk van Jan de Beer bevat twee heilige Johannessen die de Beer hergebruikte voor de glasramen van de Antwerpse kathedraal. 

 

Wie ook de aanbidding van de herders door Jan de Beer eens wil zien kan terecht in het Walraff-Richartzmuseum te Keulen. Net als alle werken van De Beer raakt de toeschouwer nooit uitgekeken op de waanzinnige hoeveelheid onderwerpen in zijn panelen. 

 

Elke maand bespreekt een tento.be-redacteur een kunstwerk. In januari is Lode Goukens aan de beurt.

Jan De Beer

De aanbidding van de wijzen (1515-1520) 

Olieverf op paneel