U bent hier

Verborgen Oorlog - Het landschap als laatste getuige

Het landschap als laatste getuige

 

Nu de laatste frontsoldaten bijna zijn uitgestorven, krijgt het Ieperse landschap in de tentoonstelling De Laatste Getuige de rol van hoofdgetuige aangemeten. Het In Flanders Fields Museum voert ons terug naar het slagveld, zoals Edmund Blunden het in zijn oorlogsmemoires verwoordde: 'I must go over the ground again'.

 

 

LAAT DE VETERANEN RUSTEN

 

"Ik denk dat ze nog met een stuk of tien zijn die de strijd als soldaat hebben meegemaakt," zegt Dominiek Dendooven, wetenschappelijk medewerker van het In Flanders Fields Museum. "Deze enkelingen kunnen we ethisch gesproken vandaag beter met rust laten. Ze zijn al genoeg opgevoerd, terecht en onterecht."

 

Het museum bewaakt de geschiedenis van de Grote Wereldbrand die voor een groot stuk de Westhoek heeft getekend. Dominiek Dendooven: "We treden op als mediator, als bemiddelaar tussen de generaties van toen en nu. De meest authentieke getuige is het landschap waar de oorlogsrelicten zich bevinden en de feitelijke oorlogshandelingen plaatsvonden. Het museum is een inleiding om de moeilijk zichtbare tekens van die oorlog in het landschap te leren lezen. We hebben altijd gezegd: het ware museum bevindt zich buiten."

 

Dat het landschap zijn waarde als getuige verdient, heeft niet alleen te maken met het uitsterven van oorlogsveteranen, evenzeer met de opkomst van de oorlogsarcheologie. Dominiek Dendooven: "Je zag eerst de amateurs op de slagvelden, vandaag constateren we een toenemende interesse vanuit wetenschappelijke hoek."

 

 

PERISCOOP

 

De tentoonstelling omvat een drietal geledingen. Bij het binnenkomen wordt je begroet door Edmund Blundens (1896-1974) profetische woorden uit zijn oorlogsmemoires: I must go over the ground again. De bezoeker wordt over een grote klimmende constructie geleid. In deze eerste fase van het tentoonstellingsparcours maak je kennis met het landschap en hoe de soldaten er mee omgingen. Ze groeven zich in en vochten tegen het water. Ook gaat de aandacht naar de spitse wapentechnologie. Dominiek Dendooven "We tonen opgegraven spullen zoals een gasmasker. Maar om het voorwerp beter te plaatsen zetten we er een perfect exemplaar naast." Heel belangrijk in oorlogstijd was natuurlijk de observatie. De tentoonstelling leert dat er ontelbare kaarten werden aangemaakt, vaak met de kleinste details vermeld. Die waren hard nodig want in de loopgraaf zag je als soldaat nagenoeg weinig meer dan een streepje lucht. Naast kaarten was de periscoop een gegeerd hulpinstrument. Vanuit de loopgraaf kon de soldaat vijandelijke bewegingen ermee volgen. In de tentoonstelling kan je met een exemplaar experimenteren.

 

 

MYTHISCH LANDSCHAP

 

In deel twee van het gebeuren kozen de samenstellers voor een van de meest dramatische slagvelden van de Westhoek, namelijk de frontboog die ontstond onmiddellijk na de eerste gasaanval van 22 april 1915. De boog bleef ongeveer identiek tot 31 juli 1917, het begin van de Derde Slag bij Ieper. Het is een mythisch landschap, de infame Ieperboog ook wel de Ieper Salient genoemd. Ze liep als een halve cirkel om de stad heen. Al tijdens de oorlog was het een vloek, een dodenval, een straf voor wie naar deze linie werd gestuurd. In dit gedeelte toont de tentoonstelling kaarten van toen en nu die boven elkaar worden gelegd. Dominiek Dendooven: "We zien hoe het oude landschap van toen overgaat in het landschap van vandaag. We duiden aan wat er op deze plaats precies is gebeurd. Verrassend hoe sommige elementen bewaard zijn gebleven, bijvoorbeeld de sporen van enkele mijnkraters bij SintElooi. We laten sporen zien van oorlogshandelingen die vandaag als littekens in het landschap zijn overgebleven."

 

In dit onderdeel van de tentoonstelling staan drie maquettes. Ze illustreren drie soorten aanvallen. Geëvoceerd wordt een infanterieaanval van de Liverpool Scottish op 16 juni 1915. Een tweede maquette toont een aanval door middel van het graven van 'sappen' of gans kleine gangen richting vijandelijke linies. Tot slot krijgt het publiek een maquette onder ogen van een ondergrondse aanval met mijnen want ondergronds werd even hard gevochten als bovengronds. Dominiek Dendooven: "Heel bijzonder is dat je al de maquettes van opzij en van boven kan bekijken. Zo krijg je als toeschouwer een heel goed zicht."

 

 

OORLOGSARCHEOLOGIE

 

Derde en laatste deel van de tentoonstelling focust in op het sterven in de Ieperboog. Dominiek Dendooven: "We volgen het lot van een aantal personages: een Canadese generaal, een Duitse piloot (observator) en kanonier, een piepjonge Franse soldaat. Deze mensenlevens combineren we met kaarten waarop we aanduiden waar hun lichamen werden gevonden. Hier is het verhaal van de oorlogsarcheologie sterk aan de orde. Je merkt dat het een andere methodiek is, een benaderring die ons een nieuwe kijk geeft en ook afdaalt naar het dagdagelijkse. Het leven aan het front krijgt een gezicht door de opgegraven voorwerpen. Dat kan gaan van een simpele tandenborstel tot een geweer."

 

Als uitloper van het gebeuren krijgt de hedendaagse landschapsschilder Frans Vercoutere het laatste woord. Hij gaat op zoek naar het standpunt van de kunstenaar en registreert wat je ziet en suggereert wat je niet kan zien.

 

Philip Willaert

 


INFO

 

Tentoonstelling

De laatste getuige. Het oorlogslandschap van de leperboog

Nog tot 19 november 2006

Open: elke dag van 10 tot 18 uur

 

In Flanders Fields Museum

Lakenhalle

Grote Markt 34

8900 leper

Tel. 057 239 220

www.inflandersfields.be