U bent hier

Stoomcentrum Maldegem

Voor u klaargestoomd: Bébert, Yvonne, Fred en Generaal Maczek

Het Stoomcentrum van Maldegem is een belevingsmuseum. Bezoekers voelen er de cadans van een ander tijdperk.

 

 

geschiedenisdraadjes

 

U kunt er niet naast kijken, verzekerde de buschauffeur ons: als u de ‘stoomtreintjes’ ziet, dáár is het Stationsplein van Maldegem. Nu had hij niet zo geringschattend moeten doen, blijkt als we even later kennismaken met de stalen kolossen Bébert, Fred en de andere stoomlocomotieven. Maar het zijn natuurlijk concurrenten. Het busverkeer begon al vanaf de jaren 1920 het Meetjesland te ontsluiten, en het autoverkeer bracht het lokale treinverkeer na de Tweede Wereldoorlog al helemaal in de verdrukking. In februari 1959 deed de laatste reizigerstrein Maldegem Statie aan en in 1988 kwam ook een eind aan het goederenverkeer.

 

Tijd voor het in 1985 opgerichte Stoomcentrum om de draad van de geschiedenis weer op te pikken. Deze in oorsprong modelbouwvereniging had al een toeristisch smalspoor naar Donk ingericht. Nu maakte ze ook het stuk normaalspoor tussen Maldegem en Eeklo, destijds een onderdeel van de lijn 58 tussen Gent en Brugge, terug operationeel.

 

“De exploitatie kende een moeizame start,” vertelt voorzitter Jason Van Landschoot: “De trein reed door het onkruid en stichtte al eens een brandje. De rookpluimen van de locomotief waren erg dik en zwart, het buurtcomité kon er niet mee lachen. Nu gebruiken we kolen met een andere samenstelling. Het Stoomcentrum kocht de door de NMBS verlaten gebouwen op. Intussen zijn ze allemaal beschermd: het stationsgebouw, nu café De Statie, het seinhuis en het gebouw van de Regie voor Telegraaf en Telefoon. De goederenloods uit 1930 is herbestemd tot architecten- en ingenieursbureau. In het vroegere RTT-gebouw koop je nu een ticket voor een ritje in historische rijtuigen met houten banken gesleept door stoomlocomotieven, of in een oude dieselmotorwagen uit de jaren vijftig. Een houten loket met marmeren blad is nog authentiek, het andere is een kopie van het origineel. De vloer in dambord is dat ook, op de voeg na, die vroeger veel dunner was. We hebben gietijzeren radiatoren gevonden, maar nu zijn we nog op zoek naar de typische knop in bloemvorm. En naar schakelaars in namaakbakeliet - om gezondheidsredenen wordt bakeliet niet meer geproduceerd - die dat aloude klakgeluid maken.” 

 

 

op de rails

 

Het Stoomcentrum wil de geluiden van de werkplaats ook tot de bezoekers laten doordringen. Daarom zal de loods achterin tegen mei 2013 als vernieuwd museum opengaan. “Ook het seinhuis willen we weer laten functioneren, onze oude seinarm zouden we weer in dienst nemen,” zo droomt Van Landschoot luidop. “We kunnen ook nog rolbarelen laten zien, met originele glijders en wielen, die de bareelwachter vroeger met de hand moest sluiten en weer openen.”

 

Elk jaar is er bij het begin van het toeristisch seizoen, van mei tot september, alvast het Stoomfestival. Deze editie viert de honderdvijftigste verjaardag van het stationsgebouw. In augustus is er dan het Railfeest dat in het teken staat van ‘Bier op ‘t Spoor’. Proeven van stoombier van ‘t vat of van het gamma van de enige brouwerij van het Meetjesland, Brouwerij Van Steenberge, tot op de trein.

 

Voor de evenementen kan geput worden uit een rijk fotoarchief. Een selectie is al te zien in het vorig jaar uitgegeven De Route. Sporen tussen Eeklo en Maldegem. Foto’s met telegraafpalen, maar ook met stalen kabels tegen de grond, de trekdraden waarmee vroeger de seinen werden bediend vanuit de seinposten. Of een foto van een colonne Jagers te Paard die na de val van Antwerpen in 1914 een trein doorlaat die de tweede infanteriedivisie van het Belgisch leger evacueert. Jason Van Landschoot: “Een foto waarop iemand de Hitlergroet brengt, kon niet gepubliceerd worden. Daarvoor zijn de wonden die in de Tweede Wereldoorlog zijn geslagen hier nog altijd niet voldoende geheeld. De spanningen tussen de witten van ‘het Dorp’ en de zwarten van ‘het Veld’ werden verfilmd in de tv-serie Klein Londen, Klein Berlijn.” Het Stoomcentrum zelf leent zijn historisch materiaal graag uit voor tv-series of films zoals de De helaasheid der dingen.

 

 

topprestaties en topstukken

 

Het Stoomcentrum bestaat voor honderd procent uit vrijwilligers en daar is Van Landschoot fier op: “In 2002 werden door Europa en Toerisme Vlaanderen voor het eerst subsidiedossiers goedgekeurd. Het Stoomcentrum renoveerde sindsdien het emplacement en de gemeente het Stationsplein, waar ook nog de Duimpjesvilla uit 1903 bewaard bleef waar Victor De Lille zijn Duimpjesuitgaven drukte. Het was een kantelmoment. Om onze toekomst veilig te stellen, kozen we voor een gulden middenweg tussen erfgoed en exploitatie. Maar dat hield ook verdere professionalisering in. Ons devies is: vrijwillig is niet vrijblijvend. We geven zelf opleidingen, van kassaverantwoordelijke en kaartjesknipper, tot stoker en machinist. Slechts vijf procent van de werkuren is trouwens zichtbaar. Een machinist rijdt misschien twee tot drie uren per dag, maar hij is wel heel de ochtend bezig geweest met de stoomketel klaar te maken, het drijfwerk af te smeren, enzovoorts. We vermijden dat de stoomlocomotieven in full use gaan, maar het moeten gebruiksvoorwerpen blijven. Door het water en de verbranding met kolen krijgen de machines heel wat te verduren, elke machine krijgt dus zijn winteronderhoud.”

 

Op dit moment zijn vier locomotieven rijvaardig. Achter elk van hen zit een verhaal: “Bébert en Yvonne zijn van Belgische makelij. Bébert is in 1926 gebouwd. Zijn naam zou verwijzen naar de voormalige eerste machinist, een Albert of Gilbert, een stotteraar. Nu bestaat Bébert voor 40 % uit nieuwbouw. Enkele technische scholen uit Torhout herstelden de carrosserie en maakten een aantal onderdelen na. Yvonne, een stoomlocomotief uit 1893, werkte vroeger voor een mijn in Luik. Zij is de oudste stoomlocomotief van de Benelux, en wereldwijd dan weer de kleinste op normaalspoor. Omdat ze in Engeland die titel opeisten, zijn we met de plannen in de hand ter plekke ons gelijk gaan halen. Zeven centimeter verschil!” 

 

Jason Van Landschoot vertelt verder:”De Britse stoomlocomotief Fred uit 1925 is een van onze twee vaste trekpaarden. De andere is de Poolse Generaal Maczek, hij leidde de eerste Poolse pantserdivisie die onze contreien bevrijd heeft. Tot 1994 deed de trein dienst in een Poolse cementfabriek. Met een snelheid van 40 km/u deed hij er een week over om tot in Maldegem te geraken. Generaal Maczek is volgens Duitse standaarden gebouwd: we hebben nog een hele wagon wisselstukken.”

 

Nu komt Adolphe of de Lilliput het rijtje vervoegen: “Samen met vijf zusjes was hij bestemd voor de Wereldtentoonstelling in Brussel in 1935. Hij is genoemd naar Adolphe Max, burgemeester van Brussel en groot voorstander van de Heizelpaleizen. Ook op de Wereldtentoonstelling in Luik in 1939 vervoerde hij bezoekers. Vorig jaar raakte dan bekend dat hij openbaar verkocht zou worden. Ik kreeg ‘s nachts telefoons uit Canada om te informeren naar die locomotief. Omdat het gevaar bestond dat hij het land zou verlaten, heb ik minister van cultuur Joke Schauvliege gecontacteerd en werd deze locomotief bij hoogdringendheid als topstuk beschermd. Uiteindelijk konden wij hem ook verwerven. In 2014 willen we een projectdossier klaar om hem te restaureren.”

 

Slow travel, heet het, per stoomtrein honderden kilometers afleggen tussen verschillende steden in Zuid-Afrika en Namibië. En straks stelt striptekenaar François Schuiten, tevens ontwerper van het toekomstige treinmuseum in Schaarbeek, zijn eerste strip met virtuele applicatie voor. Daarin gaat de gestroomlijnde Belgische stoomlocomotief 12.004 ‘la Douce’ op nostalgische wereldreis. Het is duidelijk dat een rit met een stoomlocomotief vandaag een manier is om te onthaasten. 

 

Dat werd in 1844 wel even anders ervaren. Toen zag de Amerikaanse schrijver Nathaniel Hawthorne zijn overpeinzingen abrupt onderbroken: “But, hark! there is the whistle of the locomotive - the long shriek, harsh, above all other harshness, for the space of a mile cannot mollify it into harmony. It tells a story of busy men, citizens, from the hot street, who have come to spend a day in a country village, men of business; in short of all unquietness; and no wonder that it gives such a startling shriek, since it brings the noisy world into the midst of our slumberous peace.”

Het kan verkeren.

 

An Devroe


info

Stoomcentrum Maldegem

Stationsplein 8

9990 Maldegem

Open: elke zon- en feestdag van 1 mei tot de laatste zondag van september telkens van 10 tot 18 uur; ook op woensdag en vrijdag in juli en augustus telkens van 11 tot 17 uur

Stoomfestival op 5 en 6 mei 2012

Tel. 050 71 68 52

www.stoomcentrum.be