U bent hier

STAM in Gent - Stadsmusea in de steigers

Christine De Weerdt en Hendrik Defoort, stuwende krachten van het STAM Gent, Foto: Saskia Vanderstichele.

 

Dit en volgend jaar openen drie nieuwe stadsmusea de deuren: M in Leuven, STAM in Gent en MAS in Antwerpen. OKV bezocht de drie werven en sprak met enthousiaste conservators. Het vorig nummer liet kennismaken met de plannen van M in Leuven, het volgende presenteert die van het MAS. Hieronder: het STAM in Gent. 

 

 

DE DROOM VAN TOEN 

 

In 1998 publiceerde Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen de tentoonstellingsbrochure De beurs van ]udocus Vijdt. Kunstkapitaal in Gent. Het project was een initiatief van de stedelijke musea van Gent. "Omdat het stadsbestuur van Gent andere prioriteiten stelde, werd de BijJoke enige tijd op slaap gesteld. Met de tentoonstelling in en om De beurs van ]udocus Vijdt schiet het oude klooster weer wakker en droomt het luidop van een betere en vooral vruchtbaarder toekomst, als moeder van alle Gentse musea." Zo klonk het tien jaar geleden. De museumdirecteuren zagen de BijJoke als "het vertrekpunt om de geschiedenis van Gent te ontdekken", "de toeristische entree" en "de draaideur". Jan Hoer vatte het samen: "We kiezen allemaal samen voor de Bijloke. We zijn het verplicht om de teleurgang te beantwoorden met een deugdelijk alternatief. In synergie." 

 

De dromen van toen worden nu gerealiseerd met het STAM dat midden 2010 de deuren zal openen op de Bijloke-site. Grote renovatiewerken, zoals de dakherstellingen en de waterhuishouding, zijn achter de rug, de nieuwbouw krijgt vorm en er is al oog voor de finale afwerking met het uittesten van kleuren en belichting. De stuwende krachten zijn Hendrik Defoort en Christine De Weerdt.

 

Het 'oude klooster' is al enige tijd wakker en bijzonder actief. 

De BijJoke bloeit open. De Gentse museumdirecteuren hadden overschot van gelijk. Het is een fantastische plek voor het STAM. De hele site ademt de bouw- en verbouwingsgeschiedenis vanaf de veertiende eeuw. Ook heel wat 'ongelukkige' ingrepen, vooral uit de zeventiende en achttiende eeuw, kunnen we nu heel goed gebruiken. Oude veertiende-eeuwse dichtgemetselde doorgangen zijn geopend en vinden wonderwel een plaats in het nieuwe tentoonstellingscircuit. De nieuwbouw is een uitvoering van wat eeuwen geleden gepland, maar nooit gerealiseerd is. De barokke kerk wordt een rustruimte met zitbanken. De refter uit 1715, die in de twintigste eeuw werd verplaatst, ligt nu in de pandgang precies op de plaats waar het museum het verhaal van de Gentse Nieuwe Tijd vertelt ... Alle puzzelstukken passen perfect. 

 

 

DOOR DE TIJD IN DE PANDGANG 

 

Wat zal in het STAM te zien zijn?  

De vaste opstelling in de abdij vertelt het verhaal van Gent. We doen dat chronologisch maar laten in de nieuwbouw eerst kennismaken met het Gent van vandaag. In de vloer komt een groot en spectaculair plan van de stad, op basis van een luchtfoto. 

 

De slaapzalen brengen de bezoekers naar het Gent van 1200. Een topografische maquette met hologrammen illustreert hoe Gent ontstond door het samensmelten van vier woonkernen. De oude voorraadkamers van de abdij zijn bijzonder geschikt voor de periode van de volle middeleeuwen tot 1600. Dat is de tijd van de 'verstening' van Gent. Een gedetailleerd panoramisch zicht uit 1534 is volledig gedigitaliseerd en voor elk gebouw dat er op voorkomt wordt de volledige iconografie verzameld. Dat gigantische werk is volop bezig. Uit die tijd dateren ook de conflicten tussen het centraal gezag en het Gentse stadsbestuur. We maken die tastbaar via een collectie wapens en met portretten van de protagonisten. 

 

En voor de Nieuwe Tijd is er dan de achttiende-eeuwse refter. Het barokinterieur is de ideale omgeving voor prachtige schilderijen met fraaie stadsgezichten, een aantal uit de collectie van het MSK, of voor schitterende glasramen en andere kostbaarheden uit verdwenen zeventiende- en achttiende-eeuwse panden. De getuigen van de rijke feestcultuur van toen zijn in deze ruimte eveneens op hun plaats. 

 

Hier stopt de 'Bijlokecollectie' en toch gaat het verhaal van het STAM verder. 

De geschiedenis vanaf de negentiende eeuw is de core business van andere Gentse musea. Daarom willen we vooral werken met projecties en minder met objecten. We zullen de bezoekers doorverwijzen; voor de industrialisatie naar het MIAT, voor het verhaal van het dagelijks leven in de stad naar Het Huis van Alijn. Het STAM focust op de grote, al dan niet gerealiseerde, infrastructuurwerken en zal in een annex-zaaltje de verbouwingen op de voet volgen. 'Gent vandaag' zal vooral een bewegend beeld zijn van een levendige stad: de wielerzesdaagse, FTI, Gentse Feesten, de studentenstad, de haven ... Dit levende Gent van vandaag, waar het verleden tastbaar aanwezig is, zal ook gevisualiseerd worden via nieuw werk van Carl De Keyzer. Deze herkenningspunten in de stad volgen in de pandgang de tijdslijn van het tentoonstellingsparcours. 

 

En dan zijn er nog twee themazalen met onderwerpen die buiten het chronologisch verhaal liggen. De eerste behandelt de bijzondere relatie tussen Karel V en Gent, de tweede de diefstal van het paneel De rechtvaardige rechters van het Lam Gods.

 

Wat zijn de topstukken? 

Er zijn vele en diverse topstukken: de buste van Karel V door Conrad Meyt, de romaanse doopvont, het panoramisch zicht uit 1534, het krijgsvaandel uit de vijftiende eeuw, de vrijmetselaarshamer van Hippolyte Metdepenningen uit de negentiende eeuw ... En niet te vergeten: de pre-Eyckiaanse muurschildering Het Laatste Avondmaal in de refter. Na de renovatie is het opnieuw de refter uit de veertiende eeuw. De schitterende akoestiek inspireerde ons om er nog een 'topstuk' aan de bezoekers te presenteren: de Vlaamse polyfone muziek. De refter zal ook makkelijk kunnen omgebouwd worden tot een kleine concertruimte. 

 

 

MEERWAARDE VOOR VELEN 

 

De 'synergie' tussen de Gentse musea, die Jan Hoet en anderen destijds vooropstelden, lijkt ook vruchten af te werpen? 

Het voorbije decennium is het organisch gegroeide proces van erfgoedconvenanten en decreten de stuwende kracht geweest voor heel wat samenwerkingsverbanden. De meerwaarde ervan voor alle musea is duidelijk zichtbaar in de collectiemobiliteit. Enkele voorbeelden. De zestiende-eeuwse buste van Karel V door Conrad Meyt verhuist van het MSK naar het STAM omdat ze onmisbaar is in ons verhaal. Het omgekeerde traject volgen de bozzetti die Laurent Delvaux in de achttiende eeuw maakte voor het spreekgestoelte van de Sint-Baafs. Als kunsthistorische objecten komen ze in het MSK veel beter tot hun recht. De wapencollectie van het Gravensteen bevat heel wat stukken uit de BijJokeverzameling en onze vijftiende-eeuwse wandtapijten hangen in de Kunsthal Sint-Pietersabdij in permanente bruikleen. Naar het STAM komt de romaanse doopvont uit de Sint-Baafsabdij, een prachtige sculptuur die wat verloren stond in het 'Museum voor stenen voorwerpen' ... De samenwerkingen beperken zich niet tot de Gentse musea. Er komen ook topstukken uit de Universiteitsbibliotheek, het Rijksarchief en het Bisdom, maar evengoed van het KIK, Amsab-ISG, uiteraard het Stadsarchief en tal van anderen. 

 

In tegenstelling tot M in Leuven zal het STAM ook functioneren als Erfgoedforum. 

Het inzetten van stukken uit die verschillende collecties in het permanente circuit is al een uiting ervan. Een Erfgoedforum heeft namelijk onder andere als taak een actieve werking te ontwikkelen naar andere erfgoedpartners in de stad. De nieuwe erfgoedconvenants geven lokale besturen de kans de eigen identiteit en geschiedenis in de kijker de plaatsen en een platform te creëren waarop de kennis hierover samenkomt. Stadsmusea of regiomusea kunnen een belangrijke plaats innemen in die fora. Het STAM is in Gent de motor van een dergelijke geïntegreerde aanpak van cultureel erfgoed. Ook Antwerpen en Brugge ontwikkelen een Erfgoedforum en krijgen daarvoor extra subsidies van de Vlaamse Gemeenschap. 

 

Steden zetten vandaag inderdaad in op het tonen van de eigen geschiedenis en de rijkdom aan cultureel erfgoed. Vanwaar de trend van stadsmusea? 

De interesse voor de eigen kern is geen typisch Vlaams fenomeen. Het Märkisches Museum in Berlijn, bijvoorbeeld, is ook een stadsmuseum met een rijke traditie dat volledig gerenoveerd wordt. Overal in Europa krijgen stadsmusea een nieuwe, bredere functie. 

 

 

DEUR NAAR GENT 

 

Op welk publiek mikt het museum? 

Het STAM wordt de gedroomde "cultuur-toeristische entree" van Gent en wil dus een ruim en gevarieerd publiek aanspreken. Aan de Bijlokekaai zijn busparkings gepland en ook boten kunnen van hieruit vertrekken. We werken dan ook nauw samen met de Dienst voor Toerisme. En de Gentse Gidsenbond zal zijn intrek nemen op de Bijlokesite. 

 

Wat wordt de openingstentoonstelling? 

Het klooster heeft 700 m2 voor tijdelijke tentoonstellingen. De planning is klaar tot 2013. We openen met een tentoonstelling over licht. Verwacht geen historisch overzicht van de straatverlichting in Gent. Het gaat wel over de beleving van licht in de stad, over hoe licht een rol speelt in architectuur, over licht en symboliek. Met de tijdelijke tentoonstellingen wil het STAM een eigen weg bewandelen, een ander parcours dan met de vaste opstelling. De openingstentoonstelling zal onmiddellijk de juiste toon zetten. 

 

Hoe groot is het budget voor de verbouwingswerken?

Het totale budget bedraagt 15 miljoen euro. Daarvan gaat 8 miljoen, dat is dus ruim de helft, naar de restauratie en renovatie van het historisch patrimonium. De nieuwbouw kost 4 miljoen euro. Voor de ontwikkeling van het permanent circuit is 3 miljoen euro voorzien. Het is goed dat we die laatste enveloppe al in 2003 hebben verankerd in een structurele samenwerking met het bureau Tijdsbeeld&Piècemontée, zodat we op het einde van de rit, niet op de kwaliteit van de afwerking moeten inleveren. 

 

Wat is jullie persoonlijke droom? 

Hendrik Defoort: Ik droom van een schitterend openingsweekeinde volgend jaar en in 2013 een fantastisch project met verschillende partners over de arbeidersbeweging als bouwheer. We denken dan in Gent aan de Vooruit, de Bank van de Arbeid en Ons Huis, in Europa aan Red Vienna, Barcelona en Milaan. 

 

Christine De Weerdt: Mijn droom is dat het STAM en de Bijlokesite de plek worden waar kunst, cultuur en onderwijs echt bij elkaar komen, een kruispunt van kennis en cultuur, zoals Gent zelf.

 

Peter Wouters

 


FEITEN EN CIJFERS 

 

STAM IN GENT

 

MISSIE:

STAM wil een dynamisch erfgoedforum zijn. Een kruispunt van kennis en cultuur, waar inwoners en bezoekers betoverd raken door Gent en gefascineerd door alle aspecten van stedelijkheid wereldwijd. 

 

BOUWBUDGET:

15 miljoen euro

(Stad Gent. Vlaamse Gemeenschap, Provincie Oost-Vlaanderen)

 

TENTOONSTELLINGSOPPERVLAKTE:

3.800 m2 

 

VERWACHT AANTAL BEZOEKERS:

50 à 80.000 

 

EERSTE TIJDELIJKE TENTOONSTELLING:

'Belichte stad'.

Licht geeft ritme, bepaalt de stemming en richt de blik, dag en nacht. Niets kan zo schitteren, niets is zo fragiel.

De tentoonstelling behandelt een intrigerend fenomeen: licht en de stad. Een parcours dat onderzoekt en laat zien hoe licht en duister present is in alles wat we doen en maken. Objecten, documenten, maquettes, schilderijen, foto's en installaties onthullen hoezeer licht een fundament is van de stad. 

 

OPENINGSDATUM :

Midden 2010 

 

AANTAL MEDEWERKERS:

10 in 2009