U bent hier

Nick Ervinck - De grens tussen sculptuur en architectuur

Nick Ervinck, Foto: Saskia Vanderstichele.

 

EEN JONGETJE TUSSEN VOLWASSENEN

 

Nick Ervinck (°23 mei 1981) volgde secundair onderwijs bij de Zusters Maricolen (Instituut Heilige Familie) te Brugge. Eerst verkende hij de architectuur en werd er met een scheef oog bekeken omwille van zijn nogal grootschalige en bombastische maquettes, later exploreerde hij de keramiek. Ook daar viel hij op door zijn ruimtelijk offensief met uitvouwbare objecten. Bij het verlaten van de secundaire school waren één bestelwagen, drie personenwagens en één aanhangwagen nodig om al zijn 'huiswerk' te vervoeren.

 

Aan de Gentse Academie ging hij 3D - Multimedia studeren. Hoewel er toen geen computers aanwezig waren, werd toegelaten dat de studenten hiermee experimenteerden. Dat was dan voornamelijk zelfstudie met eigen materieel. Nick maakte van die mogelijkheid grif gebruik. Na zijn tweede jaar schakelde hij over naar het derde jaar 'Mixed Media'. "Ik was daar een jongentje tussen volwassenen," zegt hij met enig gevoel voor overdrijving. Hij was er de jongste van zijn leeftijdgenoten en er was ook een aantal studenten die merkelijk ouder waren. "Maar het was een hechte klas en ik hoopte hier een grotere uitdaging te vinden en mijn zoektocht te kunnen verder zetten."

 

Gelukkig had hij een goed contact met zijn begeleider, kunstenaar Danny Matthys, een man die goed kan luisteren en door zijn houding een inspirerende mentor is voor wel meer jonge kunstenaars. Nick maakt er van de mogelijkheden gebruik. Op zijn 'kot' scant hij ondertussen alle fotonegatieven in die hij ooit had gemaakt. "Vanuit die scans zijn eigenlijk mijn 'boorplatforms met volumes' ontstaan," besluit hij. Al bij al vindt hij dat hij meer materialenkennis heeft opgedaan in het secundair onderwijs dan in de hogeschool. Wel heeft hij op de hogeschool leren denken en praten, zijn ideeën ontwikkelen, een visie poneren en argumenteren. Dat is het waardevolle van die voor hem bijzondere tijd. Hij heeft op eigen houtje leren werken met polyester en zelfs met vuboniet, een keramische polyester die ontwikkeld is aan de Vrije Universiteit Brussel. Dit product is niet giftig, eerder duur en minder makkelijk werkbaar dan gewone polyester.

 

 

ERVAREN VAN DE RUIMTE

 

De wereld van Nick Ervinck is zowel virtueel als reëel, de beide werelden beïnvloeden mekaar constant. Hij laat me zijn schetsen zien, tekeningen zonder pretenties, gewoon sporen van een voortdurend aftasten en zoeken. Hij heeft ze wel allemaal gescand en weet ze feilloos terug te vinden. Vanuit die tekeningen ontstaan concrete ideeën en projecten. Soms zijn ze aanleiding tot een tastbare uitwerking in de ruimte, soms worden ze eerst via de computer uitgewerkt, resulteren ze in prints en worden dan eventueel later in drie dimensies uitgevoerd. Alle mogelijkheden staan open voor de kunstenaar, er is geen vaste manier van werken. In bepaalde gevallen maakte hij een voorstudie van de tentoonstelling die hij wilde bouwen en daaruit zijn dan prints voortgesproten, het kan ook helemaal andersom. Of er ontstaat al zoekend in het atelier een sculptuur die daarna gedigitaliseerd wordt.

 

"Ik ben eigenlijk altijd met monumenten, een soort landmarks bezig geweest. Het puur sculpturale discours gaf me geen voldoening meer, ik zoek nu meer de grens op tussen het sculpturale en het architecturale." Het werk van Ervinck is ongewoon, is boeiend en zal liefhebbers van science fiction al eens laten wegdromen. Zijn prints zijn erg appellerend, ze zuigen de blik naar zich toe en laten je ronddwalen in een wereld die tegelijk herkenbaar en vreemd is. Ze presenteren een omgeving waarin je wil toeven en wegvluchten, een milieu waar je nieuwsgierigheid geprikkeld wordt maar waar je op je qui-vive blijft. Die werken zijn tweedimensionaal en toch zeer ruimtelijk. De kunstenaar heeft iets met ruimte en het ervaren van de ruimte. In één van zijn teksten schrijft hij: "Niet alle beschavingen geven 'de ruimte' op dezelfde manier weer om de eenvoudige reden dat ze haar niet op dezelfde manier zien. Er is zoveel meer te zien dan het zichtbare en van het zichtbare 'zien' we slechts een kleine fractie." In zijn prints maakt hij dat voelbaar.

 

 

ABDIJ OP EEN ARK

 

Naast die prints maakt hij installaties en driedimensionaal werk, je kan het moeilijk sculpturen noemen, het is méér dan dat. Hij bespeelt de ruimte, betrekt de architectuur zowel impliciet als expliciet. Impliciet omdat hij inspeelt op de architectuur van de ruimte waarin hij exposeert, expliciet omdat hij in zijn werk juist visuele commentaar levert op architectuur. Zijn installatie in het Godshuis te Sint-Laureins Ienulkar 2004-2006 speelde in op de ruimte en het prachtige gebinte van het gebouw (een voormalig weeshuis) enerzijds, maar was vooral een commentaar op de abdij van Cluny die zo belangrijk is geweest voor de architectuurgeschiedenis. Hij presenteerde hier een reusachtige maquette van het gebouw zoals het er ooit zou kunnen hebben uitgezien maar duidelijk met heel wat fantasierijke ingrepen. Zo werden de torens van de kerk aan de abdijvleugels geplaatst en merkelijk verhoogd zodat er een effect van twintowers ontstond. Het feit dat dit werk in eik is uitgevoerd is natuurlijk geen toeval.

 

De abdij van Cluny komt ook terug in zijn werk Iebanulk 2004 -2006. Het gaat hier om een werkelijk bijzonder indrukwekkende sculptuur van de abdij op een bootvorm, een totaal witte vorm die ontroert door zijn puurheid en zijn présence. Het staat de beschouwer vrij er tal van connotaties bij te bedenken. De abdij van Cluny kan gezien worden als een icoon van het verleden, van een groots maar voorbij bestaan, van een wereld die totaal niets meer te maken heeft met de wereld van nu. Of toch? De abdij wordt op een schip geplaatst, een ark van Noach, dient de beschaving gered? Of willen we het schip nooit nog terug zien?

 

Vorig jaar besloot de provincie West-Vlaanderen een werk van de kunstenaar aan te kopen. Een werk van een totaal andere aard: Elbatargscu I april 2005. Of is het maar schijn? In feite hebben we hier ook met een boot of een schip te maken. Alleen heeft de kunstenaar de zaken wat gefragmenteerd. De brug staat als een uitkijktoren afzonderlijk van de kogelvormige romp. Onder de boot op het eerste niveau ligt een landschap ingebed, terwijl de voorsteven gevormd wordt door een reeks in oppervlakte afnemende triplexplaten. Het geheel wordt gepresenteerd op een tafel met twee niveaus. De toren wordt een architecturaal element maar kan evengoed een reliekhouder zijn, reliekhouders waren over het algemeen sterk op de architectuur geïnspireerd. De kogelvorm bevat een witte massa - een ijsberg? - de triplexschijven verwijzen naar het gebinte van de boot, leggen als het ware het innerlijke bloot. Het landschap onderaan lijkt eerder industrieel qua vorm maar is duidelijk groen. Het complexe werk is een vermenging van vele werelden en leefsferen en laat de kijker toe om weg te dromen, het laat zich niet vatten in één blik, in één gedachte, het zet de toeschouwer aan het werk.

 

 

KOMEET VAN EEN RIJZENDE STER

 

Ervinck is niet alleen jong en dynamisch - zoals dat heet, hij is erg productief. Zijn nieuwgebouwd en ruim atelier achter het ouderlijk huis zit nokvol werken, en ook het ouderlijk huis zelf is ten prooi gevallen aan de invasie van Nicks creativiteit. Zijn tentoonstellingsprogramma is niet te onderschatten. Op het moment van ons gesprek nam hij deel aan de tentoonstelling Ephemerality (curator: Christophe De Jaeger) te Menen. Hij is druk bezig met de voorbereidingen voor zijn solotentoonstelling in De Brakke Grond (zijn geboortedatum is toevalligerwijze ook die van het Vlaams huis in Amsterdam). Hier brengt hij een zeer grote installatie waarbij hij de vloer met 60 cm. wil verhogen voor de toeschouwers, terwijl de sculptuur op de reële vloer wordt gepositioneerd. Het omgekeerde van een sokkel, zeg maar. Op die manier moet de indruk van een opgraving ontstaan, het blootleggen van een (toekomstig) verleden.

 

Nick Ervinck heeft ook een inzending voor Lineart en hij is present op de tentoonstelling van de Provinciale Prijs voor Beeldende Kunst van West-Vlaanderen. Daarnaast is hij nog leraar in het deeltijds kunstonderwijs. Ondertussen is hij ook erg veel bezig met computeranimatie. Hij laat in een virtuele wereld zijn sculpturen ontstaan, het is bijna didactisch. Je kan zien hoe sculpturen groeien, welke elementen toegevoegd worden, hoe ze de ruimte veroveren. Het is ongemeen boeiend en ik durf veronderstellen dat hij hierin nog sterk zal groeien en ons zal verrassen met zijn creaties. Het is niet te verwonderen dat hij vanuit die virtuele wereld wil komen tot de realisatie 'in het echt'. Bijzonder indrukwekkend is zijn ontwerp voor een zogenaamd zwevende sculptuur, weer geïnspireerd door Cluny (GNI GH clu 29 sept2004). Een dubbeluitvoering als antipoden aan elkaar verbonden. Het is als een architecturale komeet in de ruimte. En kometen, dat weten we, hebben de mensen altijd geboeid.

 

Daan Rau

 


info

Werk van Nick Ervinck op tentoonstellingen

 

GNI-RI nov2006

Solotentoonstelling

Nog tot 14 januari 2007

De Brakke Grond

Nes 45

1012KD Amsterdam

Tel. + 31 (0)20 622 90 14

www.brakkegrond.nl

 

Zone de Turbulences

Nog tot 7 januari 2007

La Médiatine

Stokkelsesteenweg 45

1200 Sint -LambrechtsWoluwe

Tel. 02 761 27 52

 

Provinciale Prijs voor Beeldende Kunst West-Vlaanderen

Van 16 december 2006 tot 4 februari 2007

Be-Part

Westerlaan 17

8790 Waregem

Tel. 056 62 94 10

www.west-vlaanderen.be