U bent hier

Meesterlijke Barokbeelden van Jean Del Cour

Beschermengel in de Sint-Lambertuskerk van Boëlhe, 1696,gepolychromeerd hout
Beschermengel in de Sint-Lambertuskerk van Boëlhe , 1696, gepolychromeerd hout
 
Nog tot en met 3 februari 2008 kan u in de Luikse Sint-Bartholomeuskerk gaan kijken naar een grootse tentoonstelling over het oeuvre van een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de barokke beeldhouwkunst in Europa: Jean Del Cour.

 

 

 IN DE GEEST VAN DE CONTRAREFORMATIE

 

Driehonderd jaar geleden, op 4 april 1707, overleed in Luik de beeldhouwer Jean Del Cour. Hij is de beroemdste en meest bestudeerde van de Luikse kunstenaars. Nog steeds komen nieuwe gegevens aan het licht die bijdragen tot een betere kennis van zijn veelzijdig oeuvre. Als zoon van een schrijnwerker bleef Jean Del Cour zeer gehecht aan zijn geboortedorp Hamoir aan de Ourthe. Hij woonde er veertig jaar lang, tot aan zijn dood, samen met zijn moeder en zijn broer Jean-Gilles, in een groot huis. Een tweede woning deed dienst als atelier. Hij leerde de beeldhouwkunst in de stad Luik en was lid van het plaatselijk metsersambacht dat nog andere verwante beroepen groepeerde.
 
De tentoonstelling in de Bartholomeuskerk telt meer dan 130 kunstwerken, maar ook op andere locaties in Luik en elders zijn er werken van zijn hand te zien. Het oudste bewaarde werk van Del Cour is de zeer mooie bronzen Christusfiguur uit 1663. Het was bestemd voor de Pont des Arches, de voornaamste brug van Luik. De figuur van de gekruisigde Christus werd in Dinant gegoten door Perpète Wespin en is in 1719 verguld. Tijdens de Franse bezetting bracht men het beeld in veiligheid en na vele omzwervingen kreeg het in 1802 een plaats in de Luikse Sint-PauluskathedraaL
 
In het zelfde gebouw bevindt zich een van de meest bekende werken van de Luikse kunstenaar: de prachtige en levensgrote liggende Christus in het graf, uitgevoerd in wit en grijs dooraderde marmer. Het beeld glanst door de veelvuldige aanraking van de bezoekers. De gesigneerde sculptuur dateert uit 1696 en vormde aanvankelijk het centrale gedeelte van het grafmonument voor de Luikse burgemeester Walther de Liverlo (1664- 1737) en diens vrouw. Het was opgericht in de kleine kerk van de kanunnikessen van het Heilig Graf, ook wel 'des Bons-Enfants' genoemd, en was bekroond met een Verrijzenis. Die is samen met de kerk tijdens het Franse bewind verdwenen. Del Cour verleende ook zijn medewerking aan grafmonumenten in Hoei, Maastricht, Visé en Ossogne.
 
Jean Del Cour heeft niet alleen in steen en brons gebeeldhouwd. Een zeer mooie verwezenlijking in hout is het achtzijdige memoriaal van de Broederschap van het Heilig Sacrament, bewaard in de Sint-Remacluskerk van Spa. Dit vrij omvangrijk in lindeboomhout gesneden en achteraf verguld reliëf, dateert van 1669. Het model van dit prachtig kunstwerk was aanvankelijk verloren gewaand, maar is recent teruggevonden in het Museum van Waalse Kunst van Luik. Indrukwekkend zijn ook de grote houten heiligenbeelden op de consoles in de middenbeuk van de Sint-Jacabskerk van Luik. Del Cour vervaardigde nog andere meer dan levensgrote heiligenbeelden in hout voor verschillende kerken in dezelfde stad. Meestal gebruikte hij lindehout, af en toe eik.
 
 

DELCOUR IN VLAANDEREN

 
In Vlaanderen kan u werk van Jean Del Cour ontdekken in Hasselt en Sint-Truiden. Een meesterwerk staat in de kooromgang van de Gentse Sint-Baafskathedraal. Het is het monumentale praalgraf van Eugène Albert d'Allamont (1627- 1673). Deze negende bisschop van Gent bestelde in 1667 zijn eigen grafmonument in Luik bij de toen 36-jarige Del Cour. Het was klaar in 1670. De beeldhouwer gebruikte wit en zwart marmer en verguld brons. Voor de bevallige Mariafiguur op de graftombe zocht de beeldhouwer inspiratie bij Gianlorenzo Bernini (1598- 1680). Het monument heeft alle typische kenmerken van Del Cour: de expressiviteit van de bewegingen, het grillig en decoratief plooienspel, de kleding die op het lichaam aansluit en toch rijkelijk uitspringt in een golvende drapering.
 
Het hoofdaltaar van de Onze-Lieve-Vrouwkerk van Hasselt staat gedeeltelijk op naam van Del Cour. Het bevond zich oorspronkelijk in de abdij van Herkenrode. De kunstenaar had tijdens de lente van 1672 voor deze omvangrijke opdracht een contract afgesloten met de abdis. De uitgaven voor dit hoofdzakelijk in marmer uitgevoerd altaar waren aanzienlijk. De werkzaamheden duurden meer dan twintig jaar, vooral omdat het wit marmer uit Italië moest aangevoerd worden.
 
In 1801 verkocht men de goederen van de abdij en twee jaar later verhuisde het hoofdaltaar naar de Hasseltse Onze-Lieve-Vrouwkerk. Op het portret van Jean Del Cour uit 1685, toegeschreven aan zijn jongere broer Jean-Gilles, staat rechts het ontwerp van dit altaar. Het beantwoordt niet helemaal aan de verwezenlijking die men kan zien in de Limburgse kerk.
 
Het Hasseltse hoofdaltaar toont links en rechts twee grootse marmeren sculpturen die Maria van de Onbevlekte Ontvangenis en de Heilige Bernarclus van Clairvaux, de hervormer van de cistercienzerorde, ten voeten uit voorstellen. Daartussen bevindt zich een groot ovaal medaillon met het Lam van de Openbaring. Onderaan zijn links en rechts twee medaillons in laag-reliëf aanwezig, die respectievelijk het Laatste Avondmaal en de Wonderbaarlijke Hostie illustreren. Daartussen bevindt zich het tabernakel dat omrand is met een brede lijst waarin bovenaan twee zwevende engelen een breed weefsel optillen. De twee kleinere beelden in verguld hout die het tabernakel flankeren zouden door geldgebrek slechts in 1694 toegevoegd zijn en worden toegeschreven aan Jean Hans (1670-1742), de enige leerling van Del Cour.
 
 

DRIE FONTEINEN IN DE VURIGE STEDE

 

Op de Place du Marché in Luik, nabij het achttiende-eeuwse stadhuis, staat de Fontaine du Perron, hét symbool van de vurige stad. Ze is te situeren omstreeks 1696- 1698. Voor de indrukwekkende fontein gebruikte Jean Del Cour wit marmer. Het meerzijdig opengewerkt ensemble wordt gedragen door hoge zuilen, waarop halfcirkelvormige bogen steunen die met zes maskers versierd werden. Daaronder bevinden zich de gebeeldhouwde waterspuwers die nu gedeeltelijk afgesleten zijn. De fontein wordt in de top bekroond door een beeld dat de Drie Gratiën voorstelt en geplaatst is op een hoge zuil. Omwille van de erbarmelijke bewaringstoestand en vooral om veiligheidsredenen is deze sculptuur intussen vervangen door een kopie. Op het Luikse perron is er boven de Drie Gratiën nog een dennenappel aangebracht, het symbool van de stedelijke vrijheidsdrang.
 
Op de Place de la Cathédrale staat nog een fontein van Jean Del Cour. De Fontaine de la Vierge de Vinâve d'Ile uit de periode 1695-1696. Het is een van de kunstwerken waarmee de beeldhouwer algemeen bekend is geworden. De in brons uitgevoerde Mariafiguur met het Kind in de armen is volledig barok van opvatting. Van op de natuurstenen onderbouw, met onderaan vier gezeten water spuwende leeuwen, lijkt het alsof Maria met naar beneden gerichte ogen naar ons toe stapt. Ze is gehuld in een waaierend gedrapeerd kleed en het onrustige kindje Jezus in de armen verwijst naar het lot dat zij later samen zullen ondergaan. Een beeld met dezelfde compositie wordt bewaard in het Musée d'Ansembourg van Luik en is in hout uitgevoerd. Een derde fontein van Del Cour, in brons en natuursteen ,bevindt zich in de Rue Hors-Château en stelt de profeet en boeteprediker Johannes de Doper voor met het lam aan zijn voeten.
 
 

NIEUW LICHT

 
Jean Del Cour was een veel gevraagde beeldhouwer. In zijn oeuvre heeft hij al zijn vertrouwen, oprechtheid en vakkundigheid laten blijken. Alhoewel hierover weinig is geweten, heeft hij zijn vak zonder enige twijfel in Rome geleerd. Daar heeft hij de barokstijl ontdekt.
 
In zijn beelden toont Del Cour enerzijds de drapering van de kleren die langsheen het lichaam afschuift en anderzijds is er in sculpturen de beweeglijke evolutie van de loswaaiende, kronkelende kleding, die de driedimensionaliteit van het lichaam benadrukt. Op het hoogtepunt van zijn kunnen geeft hij op sublieme wijze de vormen van de nagebootste materie weer. In de uitdrukking van de gelaatstrekken is er tijdens de hele carrière een constante waar te nemen. Dit is ook het geval in de uitbeelding van de verschillende menselijke types.
 
Van Jean Del Cour is veel werk bewaard. Een aantal Luikse musea bezitten bovendien zowel gave als beschadigde bozzetti, maquettes of ontwerpen in gebakken klei, van zijn beelden . Tekeningen zijn er weinig terug te vinden. Ter gelegenheid van de tentoonstelling in de Luikse Sint-Bartholomeuskerk zijn meedere werken van Del Cour herontdekt, ook in privé-collecties. Ze werpen een nieuw licht op het veelzijdig oeuvre van de beeldhouwer.
 
 
Stéphane Vandenberghe
 
 

AFBEELDINGEN:

  • Beschermengel in de Sint-Lambertuskerk van Boëlhe, 1696, gepolychromeerd hout
  • Jean-Gillis Del Cour, Portret van Jean Del Cour, 1685, olie op doek, Musée de l'Art Wallon
  • Saint-Fiacre in de kerk Saint-George te Lefffe, 1679, gepolychromeerd hout
  • Aanbiddende engel in de Notre-Dame de l'Annonciation van Ville-en-Hesbaye, gepolychromeerd hout
  • Maria met Kind, gepolychromeerd eikenhout, Musée d'Ansembourg, Luik © Michel Leffz

INFO

Tentoonstelling

Jean Del Cour

Nog tot 3 februari 2008

Open: maandag tot zaterdag van 10 tot 17 uur, zondag van 13 tot 17 uur

 

Sint-Bartholomeuskerk

Place Saint-Barthélemy

4000 Luik

Tel. 04 223 49 98

www.expodelcour.lesmuseesdeliege.be