U bent hier

Late Rembrandt

Late Rembrandt

 

"Een mouw zo pasteus geschilderd dat je hem haast zou kunnen vastpakken": na het lezen van Late Rembrandt ziet u beslist méér op de gelijknamige tentoonstelling in het Rijksmuseum in Amsterdam, van 12 februari tot 17 mei 2015. Bijvoorbeeld dat Rembrandt met een paletmes echte gezichtsrimpels in de verf trok, en dat de figuren op zijn groepsportretten onderling een paar keer van plaats wisselden voor ze hun definitieve posities innamen.

 

 

Het idee van een tentoonstelling over de latere Rembrandt van Rijn (1606-1669) kwam van Gregor J.M. Weber en Jonathan Bikker – trouwens erg lijkend op wie hij bewondert – van het Rijksmuseum, zelf verwonderd dat daar niemand eerder was opgekomen. In 1651 duikt bij het schilderij Jong meisje in een venster voor het eerst een forse en vrije penseelvoering op. De verklaringen die daaraan in de loop van de tijd gegeven zijn, lopen uiteen van een minder vermoeiende stijl voor de ouder wordende man tot volledige beheersing van de gedetailleerde voorstelling die de kunstenaar toeliet om zaken weg te laten. In zijn monografie uit 1906 opperde Frederik Schmidt-Degener dat door de dood van zijn opgewekte vrouw Saskia Rembrandts aangeboren somberheid weer naar boven kwam, waardoor hij zich enkel nog interesseerde voor zijn ontwikkeling als kunstenaar. Ook de auteurs geloven dat zijn veranderde stijl voortkwam uit zelfbewust handelen. Door in De Nachtwacht te veel de nadruk te leggen op de actie zou hij na 1642 in een artistieke crisis zijn beland. Ondanks zware klappen, zoals het overlijden van zijn 27-jarige zoon Titus en een faillissement, bleef hij flinke prijzen vragen, wat volgens de auteurs wijst op het vertrouwen in de kwaliteit van zijn werk. Hij zou in zijn late periode trouwens de meest overdachte en inventiefste werken uit heel zijn carrière maken: "Als ik myn geest uitspanninge wil geven, dan is het niet eer die ik zoek, maar vryheid."

 

 

SCHILDERACHTIG

 

De zes auteurs gaan via de verscheidene technieken en onderwerpen op zoek naar de man achter de schilderijen. Op de tekening Slapende jonge vrouw, een van de grootste schatten van het prentenkabinet van het British Museum, zijn de vormen teruggebracht tot een bijna schematische eenvoud. In zijn schilderijen legde Rembrandt de verf er zo dik op dat het leek of portretten bij de neus op te tillen waren. Hoogtepunt is waarschijnlijk Isaaks brede, gouden mouw in De Joodse bruid, die door de haast driest aangebrachte verflagen op een onvoorspelbare manier gaat glinsteren. De felle reacties waarop deze nieuwe Rembrandt werd ontvangen (‘kladdery’), bewijst dat hij grote indruk had gemaakt. Ook zijn etsen kregen door toepassing van de droge naald een grovere stijl, te herkennen aan de 'fluweligheid' als gevolg van de inkt die blijft hangen aan het weggeschraapte metaal.

 

Bij de bespreking van zijn schilderijen ‘naer het leven’ leren we hoe de betekenis van het woord 'schilderachtig' evolueerde, een woord dat Karel van Mander in zijn Schilder-Boeck uit 1604 introduceerde om schilderijen en gedichten met een opvallend realistische weergave aan te duiden. In zijn late periode ging Rembrandts voorkeur uit naar het schilderachtige van het vervallen of ietwat boerse lichaam. In het stadhuis van Amsterdam werd zijn schilderij De samenzwering van de Bataven onder Claudius Civilis zelfs verwijderd, waarschijnlijk omdat hij tegen de traditie in de eenogige Civilis frontaal, en dus weinig flatterend, had afgebeeld. En de cirkels in het Zelfportret met twee cirkels zijn noch compleet noch in één vloeiende lijn uitgevoerd, wat destijds nochtans een bewijs van artistieke bekwaamheid was. Rembrandt lijkt met zijn korte, overlappende toetsen – zijn handtekening – wel de spot te drijven met de pogingen van zijn voorgangers.

 

Veel van Rembrandts late historieschilderijen en portretten wonnen daarentegen aan intimiteit. Van Gogh had tien jaar van zijn leven willen geven om twee weken naar het historisch dubbelportret De Joodse bruid te mogen kijken. De uitvoerige beschrijving van Isaaks hand die liefdevol de boezem van Rebekka beroert, en hoe zij dat gebaar beantwoordt, intensifieert het kijkplezier. Het boek verschaft diepgang, maar om te kunnen genieten van de plasticiteit – en na dit boek kunnen we zeggen: zéker bij de late Rembrandt – moet u ook naar de tentoonstelling.

 

An Devroe

 


Gregor J.M. Weber en Jonathan Bikker

Late Rembrandt

304 blz.

Hardcover met stofomslag

28 x 23 cm

49,95 euro

ISBN 978-94-6230-052-1

Mercatorfonds (i.s.m. National Gallery Londen en Rijksmuseum Amsterdam)

 

Tentoonstelling

Late Rembrandt

Van 12 februari tot 17 mei 2015

Open: alle dagen van 9 tot 17 uur

 

Rijksmuseum

Museumstraat 1

1071 XX Amsterdam

Tel. 00 31 (0) 900 0745

www.rijksmuseum.nl