U bent hier

De Magritte Code

André Garitte - De Magritte Code, 72 blz., paperback met flappen, € 10,00, ISBN: 9789053254325, Uitgeverij Pandora.

 

René Magritte is een van de meest ‘gecoverde’ kunstenaars. Er verschijnt geen boek of er is wel een werk van de surrealist te vinden dat geschikt zou zijn voor op de cover, maar omgekeerd lijkt zijn werk ook titels te genereren. Zijn Le Sourire du diable - een sleutel zwevend in een sleutelgat - leidt dan vroeg of laat naar De Magritte Code (2017). Dat is niet minder (of meer) dan een lijst met alle ‘unieke vondsten’ van de kunstenaar waarvoor de auteur zich een weg baande door Magritte’s oeuvre dat ca. 1.700 schilderijen, gouaches en objecten telt. André Garitte is de geknipte man voor zo’n onderneming, want als conservator van het René Magritte Museum in Jette leeft hij dag in dag uit met de schilder. Het moet al vijfenveertig jaar gekriebeld hebben om zijn werk te omvatten.

 

Het idee om Magritte’s thema’s op te lijsten is niet nieuw. In het tijdschrift La Révolution Surréaliste gaf Magritte in 1927 daar zelf al een kleine aanzet toe, en onvolledige pogingen van anderen volgden. Iemand moest die klus maar eens ten gronde klaren. Bovendien helpt Garitte er graag de mythe mee uit de wereld dat Magritte aan ideeënarmoede leed omdat hij zichzelf kopieerde. Wie op doek zo’n 272 nieuwe vondsten bedacht, kan moeilijk verweten worden dat hij om den brode al eens herhaalde wat aansloeg.

 

Meteen is te voelen hoe heikel het is om ideeën te categoriseren. Niet alle ideeën zullen naar eigen zeggen als zodanig herkend worden en sommige ideeën zijn een variant op een ander. Een categorie kan dan weer één of meerdere ideeën bevatten. In een voetnoot lezen we dat een ‘categorie’ een volwaardig ‘thema’, ‘idee’ of ‘vondst’ is die afwijkt van de andere, op zichzelf kan staan en minstens vijf voorbeelden telt. Later spreekt Garitte ook van ‘methode’. Dat al die termen door elkaar worden gebruikt, maakt het niet eenvoudiger. ‘Wolkenhemel’ is idee nummer zoveel, maar daar staat dan bij :’(= géén idee)’. Geen idee dat Magritte introduceerde, wordt er bedoeld? Als je met ‘taal’ moet tellen, wordt het algauw wat surrealistisch.

 

Veel wordt duidelijk door de Magritte-catalogus Catalogue Raisonné van David Sylvester (1993) ernaast te leggen. Zo kan je uitzoeken welke werken Garitte bij welke van zijn categorieën heeft ingedeeld. Toch gaat van De Magritte Code, met slechts één afgebeeld voorbeeld per categorie, een magische werking uit. Alsof Magritte telkens het winnende schilderij heeft gemaakt van schilderwedstrijden met thema’s als ‘Een boom overwint een bijl’ of ‘Een buitenzicht loopt over in een binnenzicht’.

 

Uiteraard leer je ook bij over de aard van de categorieën – populairst zijn vervormen van voorwerpen of figuren en samenbrengen van voorwerpen of figuren zonder onderling verband – en het aantal keer dat een specifiek idee is uitgewerkt. Nooit geweten dat het idee voor de poster op mijn tienerkamer Een arend in een rotsgebergte maar liefst veertien keer is geschilderd. Hoeveel versies van Het rijk der lichten zijn er nu eigenlijk? Zevenendertig blijkt. Dat Magritte’s titel hier een idee is dat voor niemand uitleg behoeft, zegt veel. Het ideetje ‘Een boom wordt een blad (en vice versa)’ amuseerde Magritte veertig keer. En welke zijn nu die drieëndertig ‘Ongewone portretten van vrienden en verwanten’ of die negen ‘Spoken’? Het prikkelt de nieuwsgierigheid. 

 

Het tweetalige ‘boekje’ – zoals Garitte het noemt – kan een instrument zijn voor onderzoekers, maar ook voor kunstenaars, academiestudenten of leerkrachten plastische opvoeding. Af en toe voelt al dat ordenen als een verarming. Als je er een idee kunt opplakken, is het bijna niet meer mogelijk om er een ander hoofdthema in te zien of te zoeken. Toch is de formulering van de ideeën alleen al, ‘Rook of geur creëert een levend wezen of voorwerp’ of ‘Voorwerpen op een ‘levensweg’’, in staat om nieuwe werelden te openen.